Nature Reflections

Fotografie door Bas Breetveld

Updates
Galleries
Artikelen
Reflections
Wallpapers
Biografie
Contact

Reflections

29-11-2009 Over 'de buik' en een vloekende schuiltent.

Wanneer je de foto’s op deze en andere websites ziet, dan lijkt het allemaal in één keer te lukken na een gedegen voorbereiding. Dat een goede voorbereiding niet altijd garant staat voor een gelukte foto zal blijken uit de belevenissen tot nu toe met de IJsvogels waar ik in de vorige ‘Reflections’ uitgebreid verslag van deed. Frans Lanting zei het ooit in een interview met Loretta Schrijver: “Als je denkt dat je het door hebt, lukt het niet meer.”  Ik had het kunnen weten toen ik voor zonsopgang plaats nam in mijn schuiltentje. Ik zou er een hele dag in doorbrengen om te weten te komen wat de favoriete tijden zijn van de IJsvogel om daar te komen vissen. De dagen ervoor had ik er dagelijks nieuwe plekken met schubben bij zien komen. Het was dus niet de vraag of de IJsvogel langs zou komen, maar hoe laat. Ik had kunnen weten dat ik te zeker van mijn zaak was. ’s Ochtends gebeurde er niets, dat had ik ook niet echt verwacht daar ik de IJsvogel meestal in de middag voorbij zag schieten op die stek. In de middag voelde ik mijn kansen stijgen.
Wat ik echter in de zoeker kreeg was een enorme buik waar een ruitjesoverhemd strak omheen gespannen zat. Homo sapiens in al zijn lelijkheid in het vizier, terwijl daar nooit, maar dan ook nooit een mens zich in de diepe blubber waagt. Ik keek door het kijkgat van de schuiltent om een wat wijdere blik te hebben op hetgeen zich daar aan de overkant van het smalle slootje afspeelde. ‘De buik’, zoals ik hem verder maar noem, had een apparaatje in zijn hand en een stapeltje A4-tjes, nadrukkelijk zocht hij achter iedere boom die er stond. Een lijk begraven misschien? Je weet maar nooit in dit soort stille gebieden .. En wat had hij in zijn hand? Vreemde zaak. Door mijn niet al te wijde blik vanuit de tent had ik niet meteen gezien dat ‘de buik’ vrouw en kinderen bij zich had. Dat veranderde de zaak. Je gaat niet samen met je familie ergens een lijk begraven, zo werd ik wat geruster. Ze wisselden wat woorden in een vreemde taal die ik niet thuis kon brengen. Het leek nog het meest op Russisch. Plots had de hele familie mij in de gaten. Ze keken mijn kant op en wisselden weer wat woorden. Gloeiende, gloeiende, dit zou precies het tijdstip kunnen zijn dat de IJsvogel langskomt en zo te zien ging dit nog wel even duren. Een kwartier later hadden ze mijn kant van het slootje weten te bereiken en kwamen met grote passen mijn kant op. Ik besloot de tent maar uit te komen, kon ik meteen de verkrampte benen even strekken. Uitdrukkingloos, met het apparaatje in de ene hand en het stapeltje papier in de andere kwam ‘de buik’ recht op mij afgestormd. Al die tijd had ik me ruimschoots voorbereid op de confrontatie die zou volgen. Dat ik geen woord met ‘de buik’ zou kunnen wisselen had ik ingecalculeerd. Die confrontatie volgde echter niet. Hij liep rakelings langs me heen zonder mij ook maar een blik waardig te gunnen. Ik begon het allemaal steeds vreemder te vinden. Wat moet die vent?!
Enfin, na nog een kwartier, we zijn nu ruim een uur verder op de kwetsbare Ijsvogelstek, vertrokken ze onverrichter zaken. Ik besloot om het tentje maar weer in te duiken zonder verder enige verwachting op de komst van de IJsvogel. Deze kwam ook niet meer opdagen.
Dat er langs het pad, waar ik mijn tentje zorgvuldig had geplaatst, heel af en toe iemand langs zou lopen was ingecalculeerd. Dit is zelfs een voorwaarde om er mijn tentje neer te zetten. Verschillende mensen laten er dagelijks hun hond uit. Wanneer ik zelf aan kom lopen en de IJsvogel onbedoeld verstoor, dan is dat voor de IJsvogel geen vreemde gewaarwording en zal gewoon verderop zijn gang weer gaan (zo had ik al kunnen waarnemen). Als de rust voor eventjes verstoord zou zijn, dan kon ik mooi van de gelegenheid gebruik maken om even de benen te kunnen strekken. Tot zover het relaas van de mislukking van dag één.

 

Mooi licht op de tak ..

De weekenden tellen nog steeds twee dagen en het zal tot mijn 67-ste duren voordat ik dagelijks de tijd voor dit soort dingen zal hebben. Zondag zat ik er weer. Nu was ik wat later op pad gegaan omdat ik eerder in de gaten had dat de IJsvogel er vooral in de middag zijn ronde doet. In de ochtenduren waren er inderdaad geen schubben bijgekomen op de tak. Mooi, dat deed mijn kansen stijgen. Wat ik minder vond was dat door de zware regenval in de nacht het water erg troebel was geworden. Dergelijke veranderde omstandigheden kunnen de vissen doen verkassen naar andere stekken. IJsvogels weten waarschijnlijk waar naartoe ... Ik bleef echter hoopvol gestemd en vond dat alles er prima bij stond.
Er gebeurde echter niets gedurende een tweetal uren. Bijna half drie. Mooi licht op de tak van de laagstaande herfstzon, van mij mocht het nu gaan gebeuren. Maar nee, de rust werd wederom verstoord. Nu door een hele groep mensen. Eindelijk kwam ik erachter waar ik de vorige dag ook al last van had: een GPS-zoektocht. Deze keer weer een aantal gezinnen die op zoek waren naar ‘iets’ Een man griste een pakketje uit een holle boom .. Weer maakte ik van de gelegenheid gebruik om even de benen te strekken. De rust was immers toch al verstoord en er stonden nog wat mensen langs het pad op nog geen 5 meter naast het schuiltentje. Terwijl ik daar sta, naast mijn tentje, landt de IJsvogel, een dame, vlak voor me op de tak! Ehh, hoe groot is die kans?! De enige kans in twee dagen tijd verprutst. Aan de grond genageld heb ik heel even 40 gram schoonheid mogen bewonderen en kunnen zien dat het om een vrouwtje gaat. Binnensmonds bleek ik toch nog uit een groot vocabulaire oud Haagse scheldwoorden te beschikken, al woon ik er al 8 jaar niet meer .. Langer blijven zitten had geen zin meer en heb thuis nog wat verder gemopperd. Een goede voorbereiding staat niet altijd garant voor een succesje.

Doordeweeks ben ik nog twee maal gaan kijken of er nog nieuwe schubben op de tak verschenen. Helaas niet al te veel. Een paar visjes hebben er het leven gelaten, maar niet de aantallen die ik een week geleden kon herleiden aan het aantal plekken schubben. Zaterdag toch maar plaats genomen. Na de kans van een week geleden was de drang groter dan ooit. Het was jammer om te constateren dat de omstandigheden in het slootje totaal veranderd waren. Het water was glashelder geworden, een teken dat er nog nauwelijks visactiviteit is. Ook was er geen visje meer te zien. Zegt niets, de IJsvogel kan ze wel zien, maar erg hoopvol zag het er niet uit. De IJsvogel heb ik er dan ook niet meer gezien, ook de zondag erop niet. Tja, “als je denkt dat je het door hebt, dan lukt het niet meer”, mooie woorden die weer eens al te waar bleken.

Helemaal voor niets is dit ‘avontuur’ niet geweest. Ik ben toch maar even verder gaan kijken in dit fraaie poldergebied, op zoek naar plaatsen waar de IJsvogel zijn visjes nog kan vangen. Ik had eerder een zeer gunstige stek gezien, een vijvertje dat aansluit op een poldersloot met zeer veel begroeiing langs de oever. Daar zag ik haar vissen vanuit een Els. Bijna onzichtbaar, maar een duik had haar aanwezigheid verraden. Het hele plaatje klopte weer; de IJsvogel in zijn eigen domein. Met een grote glimlach liep ik het pad af naar de auto. Deze IJsvogel komt in ieder geval de winter wel door! Terloops ondekte ik nog een goed verborgen nestgelegenheid voor de IJsvogels. Foto's? Ach, lekker belangrijk ook ..   

Uit het archief: een flinke ruisvoorn die eventjes later aan het vrouwtje wordt aangeboden in de baltstijd. April 2008

 

Deze foto laat mooi de beweging zien van het doodslaan van het visje. Zie ook de achtergebleven schubben van de vorige klap.